Nauwelijks Nederlandse journalisten benaderd door politie voor informatie MH17

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmailby feather

Vrijwel geen enkele Nederlandse journalist is na de MH17 ramp benaderd door politie met de vraag of zij informatie willen delen welke het onderzoek mogelijk verder kan helpen, blijkt uit eigen onderzoek van de onderzoeksite whathappenedtoflightmh17.com.
De uitkomst van het onderzoek staat lijnrecht tegenover uitspraken in de media van Fred Westerbeke en Wilbert Paulissen, leiders van het strafrechtelijke onderzoek naar MH17.

“We hebben bijvoorbeeld contact gezocht met alle journalisten die in het rampgebied zijn geweest” vertelde hoofdofficier Fred Westerbeke die het team leidt  dat strafrechtelijk onderzoek doet naar de ramp in de Telegraaf van december 2014.

“We hebben journalisten in die beginfase gevraagd om ons te helpen. Journalisten waren kort na de ramp de belangrijkste groep getuigen“, aldus Wilbert Paulissen, hoofd van de Dienst Landelijke Recherche en leider van het politie onderzoek, in een interview voor Villamedia gepubliceerd in augustus 2017.

Daar blijkt dus niets van te kloppen!

Opmerkelijk is ook dat vele buitenlandse journalisten van wie sommigen al de dag na de crash  op de rampsite waren nooit  zijn benaderd door politie. Daarentegen heeft de Nederlandse politie wel burgerjournalisten gesproken met als doel inlichtingen te krijgen en om deze als getuigen te laten opnemen in het strafdossier.

Nog een opvallende uitkomst van het onderzoek is dat twee pro-Russische freelance journalisten, Graham Phillips en Patrick Lancaster, wel zijn benaderd. Beiden zijn naar Nederland gereisd om verklaringen af te leggen aan de Nederlandse politie.

Een andere uitspraak van Wilbert Paulissen is ook niet correct. Hij verklaarde in het eerder genoemde interview in Villamedia het volgende:

Je kunt altijd eerst een gesprek voeren waarin we bespreken wat we met de informatie doen. Je kunt een verklaring afleggen waar wij dan proces-verbaal van opmaken, maar er zijn meerdere mogelijkheden. Anoniem getuigen bijvoorbeeld, of ons “off the record” voorzien van informatie.

Ik ben als burgerjournalist door een rechercheur van het JIT uitgenodigd om te worden gehoord vanwege mijn kennis van MH17. Op het politiebureau bleek echter dat het gesprek zou worden opgenomen middels geluidsapparatuur. Mijn verklaring zou worden opgenomen in het strafdossier. Het was niet mogelijk om off the record mijn verhaal te doen.

In een reactie  geeft de woordvoerder van het Openbaar Ministerie aan dat ze  “heel veel journalisten die op de crashsite zijn geweest hebben gehoord. Er is zeker geen sprake geweest van het doelbewust niet benaderen van bepaalde journalisten of redacties. ”

Drie en en half jaar na het neerschieten van het toestel waarbij 298 mensen de dood vonden heeft het JIT nog geen namen van verdachten bekend gemaakt. In juni 2017 zette het JIT nog een video in om getuigen te vinden.

“Journalisten waren onze belangrijkste getuigen”

In de Telegraaf van 20 december 2014 zei Fred Westerbeke “we hebben bijvoorbeeld contact gezocht met alle journalisten die in het rampgebied zijn geweest”. Het bewuste artikel is op de site van de Telegraaf helaas niet meer terug te vinden. Er is wel een screenshot van de bewust uitspraak beschikbaar.

In een artikel voor Villamedia gepubliceerd op  22 augustus 2017 zei Wilbert Paulissen, hoofd van de Dienst Landelijke Recherche en leider van het politie onderzoek het volgende: ” We hebben journalisten in die beginfase gevraagd om ons te helpen. Wat me toen is opgevallen, is dat buitenlandse journalisten veel bereidwilliger waren dan Nederlandse journalisten’ en ‘ Juist in het begin hadden we behoefte aan sfeerverhalen, journalisten waren in die periode onze belangrijkste groep getuigen.

Niet zonder reden vond de politie journalisten belangrijke getuigen. De meesten kunnen in tegenstelling tot bewoners in het gebied vrijuit praten. Bovendien hebben zij veel gezien en veel gehoord. Lang niet alles wat zij hebben gehoord is gepubliceerd in de media.

Via Twitter kreeg ik diverse signalen dat journalisten niet waren benaderd. En dus ben ik journalisten gaan benaderen.

Journalisten die niet zijn benaderd door politie

Onderstaande lijst geeft de namen van journalisten weer die mij aangaven niet te zijn benaderd door de politie. Dit betreft zowel Nederlandse als buitenlandse journalisten. Alle met naam genoemde journalisten hebben toestemming gegeven voor vermelding van hun naam in onderstaand overzicht. Deze lijst is zeker niet volledig want veel buitenlandse journalisten kon ik niet bereiken of gaven geen reactie op mijn vraag.

Uit onderstaande lijst blijkt dat vrijwel alle Nederlandse journalisten welke de crashsite in 2014 hebben bezocht niet door politie zijn benaderd.

Ook de hoofdredacties van Nieuwsuur, RTL Nieuws en EenVandaag gaven mij aan niet door de politie te zijn benaderd.

  • Alexi O’Brien (Al Jazeera) arriveerde in de avond van  17 juli op de crashsite
  • Daniel Sandford (BBC) die binnen 24 uur na de ramp op de crashsite was
  • Olaf Koens (RTL Nieuws) die binnen 24 uur na de ramp op de crashsite was
  • Fergal Keane (BBC) kwam op 19 juli aan op de crashsite
  • Nazanine Moshiri (Al Jazeera) arriveerde op 19 juli op de crashsite
  • Caroline van den Heuvel (EenVandaag). Was op de crashsite van 19 juli tot ongeveer 21 juli
  • David Jan Godfroid (NOS) arriveerde op 20 juli op de crashsite
  • Michael Birnbaum (Washington Post). Kwam op 21 juli in het gebied aan en verbleef ongeveer 1 week in Dontesk
  • Jaap van Deurzen (RTL Nieuws) kwam op 27 juli  aan op de crashsite.
  • Charles Sanders  (Telegraaf). Kwam op 27 juli aan in Donetsk en verbleef 10 dagen in het gebied.
  • Jeroen Akkermans (RTL Nieuws) kwam vele malen op de crashsite en maakte vele foto’s. Pas in april 2015 was het eerste contact met de politie in Nederland op initiatief van RTL Nieuws nav de vondst van resten van de BUK-raket.
  • Rik Konijnenbelt (RTL Nieuws). Arriveerde op 6 augustus in Dontesk. Het lukte hem niet de crashsite te bereiken. Hij sprak met een ooggetuige die het gebied was ontvlucht en naar Svyatogorks ging (bron)
  • Vincent Verweij (freelance journalist voor oa Zembla en Brandpunt Reporter) was bij de crashsite in oktober 2014
  • Harald Doornbos (freelance journalist) was eind november 2014 op de crashsite
  • Nederlandse verslaggever die anoniem wenst te blijven
  • Johan Boerman (freelance cameraman)

Journalisten die wel zijn benaderd door politie

Er zijn zeker wel een aantal journalisten benaderd. Ik heb contact gehad met twee Nederlandse journalisten die wel zijn benaderd door politie. Een aantal journalisten is overigens door de Australische politie gehoord.

  • Rudy Bouma van Nieuwsuur. Bouma arriveerde enkele dagen na de ramp op de crashsite. Bouma geeft mij aan geen informatie te hebben verstrekt aan politie. Nieuwsuur werkt nooit vrijwillig mee aan politie onderzoeken vanwege onder andere het feit dat Nieuwsuur geen deel wil uitmaken van een politie-onderzoek dat het  kritisch moet beschouwen.
  • Lorenzo Cremonesi journalist voor Corriere Della Sera. Hij sprak met een separatist die verklaarde dat separatisten MH17 hadden neergeschoten
  • Nederlandse journalist die anoniem wilde blijven
  • buitenlandse journalist (naam bekend bij auteur) die onbekend wil blijven
  • buitenlandse journalist (naam bekend bij auteur) die geen informatie aan de politie wilde geven
  • buitenlandse journalist die een verklaring heeft afgegeven bij de Nederlandse politie (naam bekend bij bron)
  • Patrick Lancaster. Een freelance, pro Rusland, “journalist”. Zeer waarschijnlijk krijgt hij financiële steun van partijen die streven naar een afscheiding van Oost Oekraïne. Lancaster arriveerde binnen enkele uren op de crashsite en verbleef daar in de nacht van 17 op 18 juli 2014. Hij werd begin 2015 door de politie in Nederland gehoord.
  • Graham Phillips. Een uit Engeland afkomstige freelance “journalist” welke extreem pro Rusland is. Hij kwam op 21 juli aan in Oekraïne. Maar was zeer waarschijnlijk niet op de crashsite. Hij heeft in ieder geval geen videos of fotos gepost in de dagen na de ramp. Toch werd hij in maart 2015 gehoord door de Nederlandse politie in een politiebureau in Nederland.

Op een enkeling na heb ik contact gehad met alle Nederlandse journalisten welke de MH17 crashsite hebben bezocht in de weken en maanden na de ramp. De Franse fotograaf Pierre Crom die veel voor Nederlandse media werkt was zeer snel na de ramp ter plekke maar  reageerde niet op mijn verzoeken tot contact.

Een groot aantal buitenlandse journalisten reageerden niet op mijn oproepen tot contact. Van deze had ik geen telefoonnummer en vaak ook geen e-mail adres. Oproepen via Twitter bleven vaak onbeantwoord.

Gezien het feit dat journalisten van oa de BBC ook niet zijn benaderd is het waarschijnlijk dat ook maar een beperkt aantal buitenlandse journalisten zijn benaderd.

Burgerjournalisten wel gehoord door politie

In tegenstelling tot bijna alle Nederlandse journalisten die berichtten over MH17 zijn wel alle relevante burgerjournalisten door de Nederlandse politie uitgenodigd om te worden gehoord.

Eliot Higgins, de oprichter van het onderzoekscollectief Bellingcat, is diverse malen door de Nederlandse politie als getuige gehoord vanwege zijn kennis van het MH17 dossier. De Nederlander Max van der Werff, die tweemaal het gebied in Oost-Oekraïne bezocht om daar informatie te vinden over MH17, is drie keer geïnterviewd door rechercheurs van het JIT.

Ook Arnold Greidanus, die een aantal zeer diepgravende onderzoeken deed naar vooral de route van de BUK, werd benaderd door de Nederlandse politie met het verzoek om informatie te delen.

Ook ik werd benaderd door het JIT. In 2016 kreeg ik een telefoontje van een rechercheur. Of ik langs wilde komen op het politiebureau bij mij in de buurt. Daar aangekomen ontvingen twee rechercheurs mij. Nadat ik vroeg wat de bedoeling was van de bandopname apparatuur op het bureau werd mij gezegd dat het gesprek zou worden opgenomen om te worden toegevoegd aan het strafdossier. Daar had ik vanwege diverse redenen geen zin in. Het was niet mogelijk om off the record te vertellen over MH17. Overigens alles wat ik weet staat op mijn blog.

Commentaar van het Openbaar Ministerie

Ik ben maanden bezig geweest met onderzoek voor dit artikel. Eind augustus 2017 stelde ik per email een aantal vragen aan Thomas Aling, de woordvoerder van Dienst Landelijke Recherche. Ik kreeg geen antwoord op mijn vragen. Opvallend genoeg kreeg ik enkele weken later een reactie van Wim de Bruin, de woordvoerder van het Openbaar Ministerie voor MH17. Zijn reactie was destijds “lopende het onderzoek kunnen we deze vragen niet beantwoorden”.

Eind maart 2018 nam ik opnieuw contact op met Wim de Bruin. Ik stel per email  deze vraag:

Waarom heeft de politie geen contact gezocht met alle journalisten die op de crashsite zijn geweest?

De reactie van Wim de Bruin van het Openbaar Ministerie geef ik hieronder integraal weer:

We hebben heel veel journalisten die op de crashsite zijn geweest gehoord. Ook zijn er journalisten of redacties geweest die medewerking hebben geweigerd. Er is zeker geen sprake geweest van het doelbewust niet benaderen van bepaalde journalisten of redacties.

Het JIT heeft daarnaast meermalen getuigen opgeroepen zich te melden. Ook was het mogelijk om materiaal te uploaden naar het JIT. Ook daar is door veel journalisten gebruik van gemaakt. Er is ongelofelijk veel foto- en filmmateriaal door journalisten van de crashsite ter beschikking gesteld.

Het JIT heeft ook later nog veel journalisten benaderd op basis van hun publicaties.

 Mocht je van journalisten hebben gehoord dat zij in de huidige fase van het onderzoek, namelijk het vinden van de daders, informatie hebben die daarvoor relevant is, dan verneem ik graag wie dat zijn. In het algemeen verwacht ik dat journalisten die interessante informatie hebben daarover ook wel publiceren.

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmailby feather

Leave a comment

Your email address will not be published.


*